Tweede leerjaar A-stroom
Agro- en biotechnieken
Bouw- en houttechnieken
Industriële wetenschappen
Latijn
Mechanica-elektriciteit
Moderne wetenschappen
Sociale en technische vorming
Techniek- wetenschappen
Lessentabellen

Aanbod basisopties

Agro- en biotechnieken
Welke kennis verwerf en verwerk je?
Je bestudeert het productieproces van planten en dieren. Je leert de behoeften en noodzaak van voeding voor mens en dier ontdekken. Je onderzoekt welke middelen er nodig zijn om voedsel voor mens en dier te produceren. Je leert eigen voedingsgewoontes ontdekken en bijsturen. Je kan laboratoriummateriaal herkennen, benoemen en hanteren en je verwerft inzicht in het uitvoeren van eenvoudige experimentele onderzoeken in het labo en op het veld. Je leert dat de mens behoefte heeft aan groen en een gezond leefmilieu.
Welke vaardigheden train je?
Je oefent de verschillende stappen van een eenvoudig wetenschappelijk onderzoek via praktijkproeven (kiemproeven, belichtings- en verduisteringsproeven, bemestingsproeven, eenvoudig grondonderzoek, …): waarnemen, benoemen, ordenen, ontleden en verklaren. Via veldexperimenten ervaar je proefondervindelijk dat teeltvoorbereidingen, teelttechnieken en verzorgingstechnieken bij planten een invloed hebben op het productieproces. Via het opvolgen en registreren van productieprocessen leer je algemene leervaardigheden: waarnemingen noteren, bijkomende informatie opzoeken en besluiten trekken.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt interesse voor de levende natuur en economie en je bent nieuwsgierig naar resultaten van wetenschappelijk onderzoek. Je kan zelfstandig maar ook in groep werken. Je ziet in dat je medeverantwoordelijk bent voor het behoud van het milieu en de gezondheid. Je wil nauwkeurig en hygiënisch werken en de veiligheidsvoorschriften van het labo toepassen.
Bouw- en houttechnieken
Welke kennis verwerf en verwerk je?
Je verwerft zelfstandig vakkennis over gereedschappen en materialen via zoekopdrachten en je leert materiaaleigenschappen afleiden uit proefjes die je zelf uitvoert. Je verbreedt je inzicht in een aantal constructies door het bouwen en onderzoeken van praktische realisaties. Je leert hoe je een werkstuk in tekening brengt en je leert tekenen met een CAD-computerprogramma.
Welke vaardigheden train je?
Door een aantal uitvoeringstechnieken regelmatig toe te passen, leer je gereedschappen, machines en andere hulpmiddelen op een correcte manier gebruiken. Je verwerft zo een grotere motorische vaardigheid. Je oefent in het lezen, begrijpen en ontwerpen van werktekeningen en in het opstellen van een geschikte werkvolgorde voor de uitvoering. Je leert je eigen werkstukken evalueren en je manier van werken toelichten en bijsturen.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt interesse voor technologie en je bent nieuwsgierig naar nieuwe technologieën. Je bent bereid om in groep te werken en een project tot een goed einde te brengen, met zin voor
nauwkeurigheid. Je bent creatief in het oplossen van problemen via het gebruik van de juiste middelen en technieken. Je wil je werkplek veilig inrichten voor jezelf en de anderen en je
houdt je aan milieu- en hygiënevoorschriften.
Industriële wetenschappen
Welke kennis verwerf en verwerk je?
Je kennis van wiskunde en Frans zal door een extra uur uitgediept worden. Je zal je verder bekwamen in het probleemoplossend denken en je creativiteit op deze manier aanscherpen. Je maakt kennis met een aantal gereedschappen en materialen. Voor je deze gereedschappen correct kan gebruiken, moet je weten hoe ze werken. Je gaat zelf informatie over de gereedschappen moeten opzoeken. Ook ga je proefjes moeten uitvoeren op verschillende materialen om zo de materiaaleigenschappen af te leiden. Door het bouwen en onderzoeken van een aantal mechanismen ga je er de eigenschappen en werking van ontdekken. Op het gebied van technisch tekenen ga je leren hoe je een werkstuk in tekening moet brengen. Je gaat leren tekenen met een CAD-programma.
Welke vaardigheden train je?
Door een aantal uitvoeringstechnieken toe te passen leer je de gereedschappen op een correcte manier gebruiken. Zo verwerf je een grotere motorische vaardigheid. Je werkt in groep een project uit dat voorgesteld wordt op de opendeurdag. In het project is een aantal bewegende onderdelen geïntegreerd. Tijdens het project oefen je het plannen en samenwerken met andere groepen, zelfs buiten je eigen klas. Dit project loopt door de verschillende vakken van de optie Industriële wetenschappen. Technieken die je leert tijdens mechanismen pas je in de praktijk toe, bijvoorbeeld het maken van overbrengingen. Je oefent tekenvaardigheden in de lessen technisch tekenen om zonder problemen een werktekening te kunnen lezen, tekenen en begrijpen.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt interesse voor technologie en je bent nieuwsgierig naar nieuwe technologieën. Je bent bereid om in groep te werken en een project tot een goed einde te brengen. Je werkt zelfstandig met gereedschappen en machines. Je houdt je aan de veiligheids- en milieuvoorschriften die gelden in de werkplaats.
Latijn
Welke kennis verwerf en verwerk je?
In het tweede leerjaar verbreed je de basiskennis Latijn die je verworven hebt in het eerste jaar. Je breidt je kennis betreffende zinsdelen en overeenkomstige vormen uit. Je verkent strategieën (deductie, afleiden uit Latijnse vormen, …) om in de 4 grote onderdelen van een taal – woordenschat, grammatica, cultuur en tekstbegrip – je inzichten te verdiepen.
Welke vaardigheden train je?
Je beschouwt elke (vertaal)opgave als een uitdaging en je probeert een correcte, efficiënte, logische en genuanceerde oplossing na te streven. Je leert vakbegrippen op een vlotte en juiste manier hanteren. Bovendien kom je ertoe stapsgewijs zelf de leerstof te analyseren en om te zetten in hanteerbare schema’s. Bij het verwerven van nieuwe kennis leg je spontaan verbanden met reeds verworven kennis. Stilaan ontwikkel je een eigen, persoonlijke vertaaltechniek. Je leert je uitdrukken in een correct en verzorgd Nederlands.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt een ruime belangstelling voor andere culturen en voor ‘creatief omgaan met taal’. Je bent bereid grondig en nauwkeurig te werken, met veel zin voor regelmaat en planning. Je toont doorzettingsvermogen, zowel bij het zelfstandig werken als in groepsverband. Je wil respectvol samenwerken met medeleerlingen.
Mechanica-elektriciteit
Welke kennis verwerf en verwerk je?
Je verwerft zelfstandig vakkennis over gereedschappen en materialen via zoekopdrachten. Je leert materiaaleigenschappen afleiden uit proefjes die je zelf uitvoert. Je verbreedt je inzicht in een aantal mechanismen door het bouwen en onderzoeken van praktische realisaties. Je leert hoe je een werkstuk in tekening brengt. Je leert tekenen met een CAD-computerprogramma.
Welke vaardigheden train je?
Door een aantal mechanische constructies in metaal/kunststof en elektrische schakelingen uit te voeren, leer je gereedschappen, machines en andere hulpmiddelen op een correcte manier gebruiken. Je verwerft zo een grotere motorische vaardigheid. Je oefent in het lezen, begrijpen en ontwerpen van werktekeningen en in het opstellen van een geschikte werkvolgorde voor de uitvoering. Je leert je eigen werkstukken evalueren en je manier van werken toelichten en bijsturen.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt interesse voor technologie en je bent nieuwsgierig naar nieuwe technologieën. Je bent bereid om in groep te werken en een project tot een goed einde te brengen, met zin voor nauwkeurigheid. Je bent creatief in het oplossen van problemen via het gebruik van de juiste 20 middelen en technieken. Je wil je werkplek veilig inrichten voor jezelf en de anderen en je houdt je aan milieu- en hygiënevoorschriften.
Moderne wetenschappen
Welke kennis verwerf en verwerk je?
Je verwerft kennis in de gebieden natuurwetenschappen (elektriciteit, chemie, fysica), economie en gedrags- en cultuurwetenschappen. Je leert bepaalde wetten van de natuur verklaren in het vak Wetenschappelijk werk (WW). In het vak Socio-economische initiatie (SEI) bestudeer je hoe mensen leven en werken in het gezin en de gemeenschap. Via onderzoekopdrachten en projectwerking verwerf je inzicht in de verbanden tussen de leefomgeving (natuurwetenschappen), de gedragingen en de culturele uitingen (media, politiek, reclame,…) van de mens (menswetenschappen) en de economische wetmatigheden.
Welke vaardigheden train je?
Je oefent eenvoudige wetenschappelijke denk- en werkwijzen via experimenten in het laboratorium en via projectwerking: onderzoeksvraag formuleren, onderzoek uitvoeren, metingen doen en verklaringen voorstellen. Je ontwikkelt algemene leervaardigheden: je verzamelt gegevens in verschillende informatiebronnen, je doet een (markt)onderzoek, je geeft de resultaten in grafieken weer en je formuleert conclusies.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt interesse voor economische en maatschappelijke problemen en laboratoriumwerk. Je bent bereid een eigen mening te verwoorden en rekening te houden met de mening van anderen. Je bent kritisch en objectief ingesteld: je kan feiten van meningen onderscheiden. Je werkt graag samen met anderen. Je probeert creatief te zijn in het probleemoplossend denken. Orde en netheid en rekening houden met veiligheids- en milieuvoorschriften, vooral in een labo, ervaar je als een vanzelfsprekendheid.
Sociale en technische vorming
Welke kennis verwerf en verwerk je?
Je bouwt kennis op over gezonde voeding, ergonomie en elektriciteit. Je bestudeert materialen, apparaten en een aantal technieken om je leefruimte te verzorgen en te verfraaien. Je leert meettechnieken ontleden en eenvoudige metingen uitvoeren. Je verwerft inzicht in hoe je het algemene welzijn van de mensen en het milieu rondom je kan verbeteren. Je leert criteria voor kwaliteitszorg kennen.
Welke vaardigheden train je?
Via proeven en praktische oefeningen leer je op een wetenschappelijk verantwoorde wijze voedsel bereiden en materialen bewerken. Bij de uitvoering van een praktische realisatie leer 21 je stappenplannen en werkfiches hanteren. Al doende leer je problemen oplossen volgens de denkstappen van het technologisch proces.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt interesse voor mens, milieu en maatschappij. Je hebt aandacht voor dagdagelijkse activiteiten en gezonde voeding. Je bent bereid je in te zetten om respectvol en behulpzaam met mensen om te gaan. Je gaat creatief om met materialen. Je wil veilig, hygiënisch, ergonomisch en milieubewust werken, individueel en in groep.
Techniek-wetenschappen
Welke kennis verwerf en verwerk je?
Je leert de wereld om je heen begrijpen via het onderzoeken van natuurwetenschappelijke verschijnselen. Je verwerft inzicht in wetenschappelijke onderzoeksmethodes. Je voert eenvoudige experimenten uit in een laboratorium. Hierdoor ervaar je dat heel wat activiteiten in ons dagelijks leven gebaseerd zijn op wetenschappelijke vaststellingen en metingen.
Welke vaardigheden train je?
Je oefent verschillende stappen van wetenschappelijk onderzoek via experimenten in het laboratorium: waarnemen, benoemen, ordenen, ontleden en verklaren. Je ontwikkelt algemene onderzoeksvaardigheden: je leert waarnemingen noteren en besluiten trekken. Je voert een persoonlijk werk uit: je zoekt en verwerkt informatie over een bepaald wetenschappelijk thema.
Welke attitudes ontwikkel je verder?
Je hebt interesse voor de levende en niet-levende natuur rondom je en je bent nieuwsgierig naar conclusies van experimenten. Je kan zelfstandig maar ook in groep werken. Je ziet in dat je medeverantwoordelijk bent voor het behoud van het milieu en de gezondheid. Je wil nauwkeurig en hygiënisch werken en de veiligheidsvoorschriften van het laboratorium toepassen.
